‘Hele wijken waren bedolven onder een laag as. De huizen, de straten, auto’s, alles zat onder de as,’ vertelt Martin Manxto uit het Spaanse Bilbao. Voor de inwoners van het aangrenzende dorpje Muskiz is dat niets nieuws. Al dertig jaar staat hier de raffinaderij Petronor van oliemultinational Repsol en dalen de asvlokken uit de schoorstenen neer op de inwoners van dit dichtbevolkte gebied. Wel nieuw voor omwonenden is dat er sinds kort ook ruwe teerzandolie wordt verwerkt. De raffinaderij heeft zichtbaar moeite om deze zware vorm van olie goed te verwerken. Het eerste vrachtschip, gevuld met 600.000 vaten Canadese teerzandolie, voer begin juni 2014 de haven van Bilbao binnen. Reden voor de lokale bevolking om spontaan de straat op te gaan. Manxto: ‘De bevolking had al genoeg te lijden onder de normale uitstoot, alles wat hier bovenop komt zal hun leven alleen maar verslechteren.’
Teerzandolie was tot voor kort nauwelijks aanwezig in Europa. Maar daar komt waarschijnlijk snel verandering in. De verwachting is dat de import flink zal stijgen: in ruwe vorm vanuit Canada, of in tot diesel of benzine verwerkte vorm vanuit de Verenigde Staten. In 2012 werden er niet meer dan 4.000 vaten per dag geïmporteerd. De Canadese organisatie Natural Resources Defense Council voorspelt dat dit in 2020 zal oplopen tot maar liefst 725.000 vaten per dag.
Gelijk speelveld
Wanneer het gaat om handelsverdragen, denk je niet als eerste aan onder as bedolven woonwijken. Een verdrag over handel heeft toch geen invloed op klimaatbeleid? Laat staan op onderwerpen als voedselveiligheid en het gebruik van chemicaliën.
Toch wel, blijkt uit de ontwikkelingen rond de handelsverdragen tussen Europa en Canada (het al afgeronde Comprehensive Economic and Trade Agreement, CETA) en de Verenigde Staten (het Trans-Atlantisch Vrijhandels- en Investeringsverdrag, oftewel Transatlantic Trade and Investment Partnership, beter bekend als TTIP). Waar onderhandelingen vroeger gingen over het wegnemen van handelsbarrières als quota en importheffingen aan de grens, gaat het tegenwoordig over het gelijktrekken van regelgeving. Met als doel een ‘gelijk speelveld’ te creëren waar bedrijven overal volgens dezelfde voorwaarden (lees: met dezelfde regels) met elkaar kunnen concurreren. En ‘handelsergernissen’ als milieu- en andere standaarden zitten daarbij in de weg.

De Europese Commissie hamert erop dat zulke regelgeving niet zal worden afgezwakt om de onderhandelingen tot een goed einde te brengen. Zo zei handelscommissaris Cecilia Malmström dat het gelijkschakelen van Europese en Amerikaanse regels ‘niet ten koste gaat van het milieu, de gezondheid, veiligheid of consumentenbescherming’. En na de afronding van de onderhandelingen met Canada schreef de Commissie dat het verdrag ‘geen invloed zal hebben op Europese regelgeving voor voedsel of het milieu. Canadese producten mogen alleen worden geïmporteerd als zij de Europese regels volledig respecteren’.
Deze uitspraken klinken geruststellend, maar kloppen niet. Europese regels op het gebied van klimaat, voedselveiligheid en chemicaliën die zijn toegestaan op de markt, worden wel degelijk afgezwakt in het kader van handelsverdragen. De in Europa binnendruppelende teerzandolie is daarvan een voorbeeld.
Ontbossing en huiduitslag
De meeste teerzanden – een mengsel van zand, klei en olie – bevinden zich in de Canadese provincie Alberta. Voor de winning van de olie uit dit mengsel is veel energie nodig. De CO2-uitstoot, en daarmee de impact op het klimaat, is daardoor veel hoger dan die van gewone olie. Daar komt nog bij dat er hele bossen verdwijnen om plaats te maken voor de gigantische open mijnen waaruit de teerzandolie wordt gewonnen.
Europese veiligheidsregels worden wel degelijk afgezwakt in het kader van handelsverdragen
Niet alleen het klimaat, ook de bevolking lijdt onder de teerzandindustrie, vertelt Allan Adam, stamhoofd van de Athabasca Chipewyan First Nation, via Skype. Zo gaat de winning gepaard met grootschalige watervervuiling. ‘Onze kinderen krijgen huiduitslag als ze in het meer zwemmen. Ik kon toen ik klein was uit onze rivieren en meren drinken, maar tegenwoordig is dat onmogelijk.’ De bevolking kampt met gezondheidsproblemen en een verhoogd aantal kankergevallen. ‘We hebben laten onderzoeken of er een verband is tussen het aantal kankerpatiënten en de winning van de teerzandolie. De industrie blijft beweren dat zij niet als enige veroorzaker aangewezen kunnen worden, maar het onderzoek toont anders aan.’
Canada is de grootste exporteur van teerzandolie ter wereld. Het land investeerde de afgelopen jaren veel in uitbreiding van de productiecapaciteit en is hard op zoek naar nieuwe afzetmarkten. De Europese markt, die erg afhankelijk is van de import van olie en afgeleide producten, lonkt.
Hogere uitstoot
Voordat de Canadese teerzanden Europa bereiken, worden ze verwerkt in Amerikaanse raffinaderijen, veelal aan de Mexicaanse golf. Ook daar zijn de belangen groot. Zo had in 2012 de handel met Europa in benzine en diesel een waarde van 32 miljard dollar.
Europa dreigde echter roet in het eten te gooien. In 2009 werd hier de zogenoemde Fuel Quality Directive (FQD) aangenomen, een richtlijn die brandstofleveranciers verplichtte de CO2 uitstoot van brandstoffen voor transport met 6 procent te verminderen. Bijzondere aandacht ging uit naar olie uit vervuilende teerzanden.
‘Ik kon toen ik klein was uit onze rivieren en meren drinken, maar dat is tegenwoordig onmogelijk.’
Canada, de VS en oliemultinationals als BP en Shell zagen de Europese maatregelen als een
bedreiging. De onderhandelingen over CETA en TTIP bleken een goede gelegenheid om hun zorgen te uiten.
Ondertussen werkte de Europese Commissie stug door aan een set maatregelen om de doelstellingen van de nieuwe klimaatrichtlijn te behalen. Het Europees Parlement hoefde ze alleen nog goed te keuren.
De kern van de maatregelen was een onderscheid tussen verschillende soorten brandstof op basis van hun CO2-uitstoot. De Commissie baseerde zich daarvoor op onderzoek van professor Adam Brandt van de universiteit van Stanford. In een studie concludeert Brandt dat de uitstoot van broeikasgassen van teerzandolie gemiddeld 23 procent hoger is dan die van gewone olie. Hij stelde daarom voor deze ‘significante verschillen’ in uitstoot te verwerken in de nieuwe richtlijn. En dat deed de Commissie: in het voorstel werd een hogere uitstoot toegekend aan teerzandolie. Om de 6 procent CO2-reductie in het Europese transport te bereiken, luidde de boodschap, moest het gebruik van teerzandolie worden ontmoedigd.
Willekeurig onderscheid
De Fuel Quality Directive was een veelbesproken onderwerp tijdens de onderhandelingen met Canada, blijkt uit vertrouwelijke documenten die de Commissie – gedwongen door de Europese Ombudsman – vrijgaf. De Canadese premier Stephen Harper, ambassadeur Ross Hornby, een minister uit de olieprovincie Alberta: allemaal kwamen ze bij de Europese Commissie hun zegje doen.
De Canadezen waren fel tegen de volgens hen onjuiste toekenning van een hogere uitstoot aan teerzandolie. De uitstoot van deze olie zou grofweg hetzelfde zijn als die van gewone olie, stelden zij. Ook oliemaatschappijen als Chevron en Exxon begonnen een grootschalige lobby tegen het volgens hen ‘willekeurige onderscheid’ tussen olie uit teerzanden en conventionele olie.
De VS mengde zich in de discussie. De TTIP
onderhandelingen met de VS boden olie bedrijven een kans hun wensen onder de aandacht te brengen. David Friedman, vice-president van de American Fuel and Petrol Manufacturers – een brancheorganisatie die bedrijven als Chevron en Shell vertegenwoordigt – riep de Amerikaanse onderhandelaars zelfs expliciet op de onderhandelingen te gebruiken om de Fuel Quality Directive aan te kaarten. ‘Als dit voorstel wordt ingevoerd, zal dit de handel in brandstof tussen de VS en de EU negatief beïnvloeden, wat lijnrecht ingaat tegen de doelen van het TTIP-verdrag om trans-Atlantische handel en investeringen te vergroten door handelsbarrières te verkleinen. Het voorstel is daarom van cruciaal belang om mee te nemen in de onderhandelingen tussen de VS en de EU.’

De Amerikaanse overheid besefte dat het Europese standpunt kon wijzigen, liet hoofdonderhandelaar voor TTIP Michael Froman weten. Toen Amerikaans Congreslid Kevin Brady – die tijdens zijn laatste campagne 314.000 dollar aan donaties ontving van oliebedrijven – hem vroeg of hij ook vond dat de Europese opstelling ‘discriminerend en ongegrond’ en ‘een barrière voor Amerikaans-Europese handel’ was, antwoordde Froman dat hij deze zorgen deelde en door zou gaan met ‘het onder druk zetten van de Europese Unie om de opvattingen van belanghebbenden, waaronder Amerikaanse raffinaderijen, in overweging te nemen.’
Voormalig Europees handelscommissaris Karel De Gucht ontkende op dat moment nog stellig dat TTIP en de implementatie van de Fuel Quality Directive iets met elkaar te maken zouden hebben.
Alles voor de handel
Toch zwichtte de Europese Commissie uiteindelijk onder de druk. Dit blijkt uit een gelekt document van de Europese Raad uit juli 2014, ter voorbereiding op de laatste top in het kader van CETA. Hierin staat dat de samenwerking met Canada op energiegebied ‘ondermaats’ is, onder meer door de Canadese weerstand tegen de Fuel Quality Directive. Het nieuwe voorstel dat volgens het document tot stand is gekomen na ‘zeer nauw overleg’ met Canada en andere belanghebbenden, ‘zou Canada’s belangrijkste zorgen moeten wegnemen’. Ook hoopt Europa dat Canada deze ontwikkelingen als ‘positief en constructief’ beschouwt en dat de samenwerking op energiegebied zal worden versterkt.
‘De druk van Canada is enorm geweest.’
Tijdens de top in september 2014 in het Canadese Ottawa werd de afronding van de CETA-onderhandelingen gevierd. Hoe dat er concreet uitziet? In het nieuwe voorstel voor de Fuel Quality Directive uit 2014 is het onderscheid tussen gewone olie en teerzandolie verdwenen.
Vlak voor de laatste stemronde in december 2014 stuurde de Canadese ambassade brieven met stemadvies naar Europarlementariërs. Vrij Nederland legde de hand op een brief gericht aan de Nederlandse Europarlementariërs van de PvdA. Ook fractievoorzitter Diederik Samsom, minister voor Buitenlandse Handel Lilianne Ploumen en staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu Wilma Mansveld ontvingen een kopietje. In de brief staat dat ‘Canada fel gekant blijft tegen elke maatregel die teerzandolie onrechtmatig discrimineert’. Of de geadresseerden het nieuwe voorstel dat ‘na vijf moeizame jaren tot stand is gekomen’ willen steunen.
De sociaaldemocraten waren niet de enige die actief benaderd werden, zegt Catherine Bearder van de liberaal-democraten. ‘De druk van Canada is enorm geweest. Niet alleen is hier aan toegegeven, ook is de wetenschap uit het raam gegooid.’ Bearder verwijst naar het feit dat de Commissie in het laatste voorstel afwijkt van haar eigen wetenschappelijke studies. Ondanks de garanties dat milieustandaarden niet verlaagd zouden worden om een vrijhandelsakkoord te sluiten, bewijst deze zaak volgens haar dat dit toch gebeurt. Op de vraag van een collega-parlementslid van De Groenen waarom de Fuel Quality Directive is afgezwakt, antwoordde de Commissie dat ‘de Canadezen erg overtuigend zijn geweest’.
Klonen
De invloed van de handelsverdragen met Canada en de VS op de nieuwe Europese klimaatrichtlijn is geen uitzondering. Zo is TTIP al voor het goed en wel is afgesloten aanwezig in de vleesverwerkingsindustrie, waar het sinds kort is toegestaan om vlees met melkzuur te reinigen. Ook is de Europese wens van tafel om vlees en andere producten te labelen als deze afkomstig zijn van de nakomelingen van gekloonde dieren.
De Europese Commissie presenteerde op 23 februari 2015 een langverwacht wetsvoorstel over klonen. Eerder was zij door het parlement terug naar de tekentafel gestuurd omdat het oorspronkelijke voorstel niet voldeed aan de eisen. Het parlement eist dat ook de producten van de nakomelingen worden gelabeld, maar de Commissie geeft niet toe: opnieuw worden de nakomelingen van gekloonde dieren buiten beschouwing gelaten.
Een eerder en ‘ambitieuzer voorstel’ waarin dit wel was opgenomen, zou zijn geblokkeerd ‘om het TTIP verdrag niet in gevaar te brengen’, vertelt Peter Liese, Europarlementariër voor de christen-democraten.
De langdurige onderhandelingen tonen dat handelsverdragen over meer dan alleen handel gaan
De Amerikaanse overheid verplicht bedrijven niet om bij te houden welke dieren gekloond zijn. De vleesverwerkingsindustrie vreest daarom hogere kosten als zij aan de nieuwe Europese eisen moet voldoen. Toenemende Amerikaanse druk zorgde er uiteindelijk voor dat sommige commissarissen het voorstel niet langer wilden steunen. ‘Hun lobbystrategie was gericht op het hoogste niveau binnen de Europese Commissie,’ vertelde een bron die nauw betrokken is geweest bij de ontwikkeling van het wetsvoorstel en daarom anoniem wil blijven. En niet zonder succes. ‘Twee dagen voordat we het rapport wilden bespreken met de andere commissarissen, hoorden we dat zelfs landbouwcommissaris Dacian Ciolos het rapport niet langer wilde steunen. Hij was overtuigd door de Amerikanen. We wisten toen dat het voorstel het niet zou overleven.’
Chemische reiniging
Ook een Europees verbod om rundvlees te bewerken met melkzuur sneuvelde. Dat gebeurde al in 2012, nog voor de eerste onderhandelingen over TTIP plaatsvonden. Melkzuur wordt gebruikt om karkassen chemisch te ontsmetten en salmonella en andere bacteriën te doden. In Amerika is deze methode heel gebruikelijk, maar in Europa is dit omstreden. Tegenstanders noemen chemische reiniging bovendien een manier om de gebrekkige hygiëne in slachthuizen te verdoezelen.
Toch stemde het parlement voor de opheffing van dat verbod. Aan de stemming ging een bezoek vooraf van Jean-Luc Demarty, de tweede man van de commissie van handel. Hij kwam met een waarschuwing aan het adres van de parlementaire groep die verantwoordelijk is voor voedselveiligheid. De instandhouding van het verbod op melkzuur zou ertoe leiden dat ‘een veelomvattend handelsakkoord met de VS uit zicht raakt’. De Amerikaanse vleesindustrie heeft nooit onder stoelen of banken geschoven dat het verbod op melkzuurreiniging de export van rundvlees naar Europa bemoeilijkt.
De waarschuwing miste zijn doel niet. Was voorheen nog een minderheid in het parlement voorstander van het opheffen van een verbod, na de toespraak was dat veranderd in een nipte meerderheid. ‘Ik had nog nooit meegemaakt dat iemand van de handelscommissie besloot ons direct toe te spreken,’ zegt Europarlementariër Bart Staes (De Groenen), die getuige was van het bezoek. ‘Dat de stemming is verloren, had zeer zeker te maken met zijn toespraak.’
Europarlementariër voor de liberaal-democraten Marietje Schaake, die zich openlijk achter het handelsverdrag schaart, bevestigt dit. Ze doet de vrees dat TTIP zou leiden tot de verlaging van Europese standaarden af als ‘een spin die maar doorgezet wordt’, maar schrijft op haar eigen blog dat het verbod op melkzuur is opgeheven om ‘vertrouwen te kweken bij de Amerikanen’.
Gesloten deuren
Een woordvoerster van Europese Commissie ontkent in een reactie op dit artikel dat de handelsverdragen een verlaging van de Europese standaarden als gevolg hebben. ‘Er is geen directe link tussen de Fuel Quality Directive en CETA/TTIP,’ aldus de woordvoerster, die er ook op wijst dat niet is getornd aan de doelstelling van 6 procent minder uitstoot. In het kloondebat vond volgens haar een ‘inter-institutionele discussie’ plaats, waaruit bleek dat er ‘meer tijd’ nodig was om ‘het zeer complexe labelen’ te ‘toetsen op impact en haalbaarheid’ en dat dit nog altijd niet is afgerond. Wat betreft het toestaan van melkzuur herhaalt ze dat TTIP banen en groei oplevert zonder dat het ten koste gaat van standaarden. Ook Jean-Luc Demarty, de handelscommissaris die aanschoof bij de stemming, had hier in zijn toespraak naar verwezen.
De afzwakking van regelgeving rondom klonen, het opheffen van het verbod op melkzuur en het schrappen van het vervuilende label voor teerzandolie, tonen aan hoe ver de invloed van handelsverdragen reikt. En er zijn nog andere voorbeelden die mogelijk verband houden met TTIP. Zo zijn er aanwijzingen dat dit verdrag nu al de ontwikkeling van een Europees verbod op een groot aantal hormoonverstorende chemicaliën heeft vertraagd. Ook de nieuwe EU-richtlijn die bedrijfsgeheimen beter moet beschermen wordt door critici gelinkt aan TTIP. Zo zegt Julia Reda, Europarlementariër voor de Groenen, dat het reëel is dat de Europese Commissie vooral ‘de mogelijkheid wil creëren om bedrijfsgeheimen mee te nemen in de TTIP onderhandelingen’. Zowel in de EU als in de VS wordt deze bescherming opgevoerd, waarmee volgens critici het werk van journalisten en toezichthouders in gevaar komt.
De langdurige onderhandelingen tonen dat handelsverdragen tegenwoordig over veel meer gaan dan handel alleen. In het kader van CETA en TTIP worden vergaande hervormingen nagestreefd om Europa sterker te binden aan de VS en Canada. De onderhandelingen vinden plaats achter gesloten deuren waardoor er maar mondjesmaat informatie naar buiten komt. Maar de boodschap is duidelijk: de kosten van deze handelsverdragen voor mens en milieu zijn hoog.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.